Hét online taaladviespunt HvA en UvA

Verwijswoorden

Dit zijn woorden als: hem, haar, die, dit, deze, waar, daar, ervan, erop, daarin, zo’n etc. Je gebruikt ze om te verwijzen naar een persoon, zaak of gebeurtenis die je eerder hebt beschreven.

Voorbeelden

Freud is de grondlegger van de psycho-analyse, maar heeft hij zelf ooit zo’n behandeling ondergaan?

 

De meeste musici hebben een wiskundige aanleg, maar is daarvoor een locatie in de hersenen aan te wijzen?

 

Bij extreme hitte lijkt de weg voor je te trillen. Maar dit is gezichtsbedrog.

Gebruik alleen verwijswoorden als duidelijk is waarnaar je verwijst. Verwijs niet naar iets dat meer dan een zin terug genoemd wordt.

Zorg er ook voor dat je de correcte verwijswoorden gebruikt.